Verhalen 2019

Massage

Cat Ba – Vietnam

We kunnen geen pap meer zeggen na de zogenaamde walk over the six mountains – inderdaad zes bergen, maar ‘wandeling’ was een eufemisme. Onze Vietnamese gids heeft de twintig kilometer lange klauterpartij over glibberige, bemoste rotsen op teenslippers afgelegd. De magere, pezige man droeg op het laatst vijf rugzakken van strompelende reisgenoten, en liep er bij de finish nog net zo kwiek bij als toen we van start gingen.

Nadat we ons opnieuw hebben laten verwennen in het restaurant van Anh en zijn ouders, zitten we met zijn vieren na te tafelen. We waren nog de enige gasten, en meteen nadat we Anh de rekening hadden gevraagd, kwam vader met een sigaret in de mondhoek uit de keuken tevoorschijn. Onderuitgezakt is hij aan de grote tafel voor het restaurant gaan zitten.

Ik zeg tegen Anh dat we een massage nodig hebben. De opmerking was niet eens serieus bedoeld, maar Anh is meteen alert. Hij wijst langs de kade, in de tegenovergestelde richting als ons hotel.
                  ‘Massage? No problem.
Natuurlijk niet, wat is in Vietnam wel een probleem? Ik vraag hoe zoiets kan worden geregeld en wat het ongeveer kost. De prijs is een lachertje. Zodra wij zover zijn, loopt hij met ons mee. Voor de zekerheid informeer ik wat we bij zo’n massage kunnen verwachten. Om in bijzijn van vrouw en reisgenoten voor de keuze te worden gesteld of meneer een happy ending in gedachten had of niet, komt vanavond een beetje ongelegen. Ben, onze twee-meter-lange reisgenoot uit Twente zegt precies wat hij denkt.
                  ‘Is it a sex massage, Anh?
                  ‘Oh, no, no. No sex massage there. Eh Is possible, but not there, haha!’
Zoals ik zei: alles is mogelijk.
Onder aanvoering van Anh lopen we een paar honderd meter de kade af naar de open gevel van wat – door de stoelen voor de spiegels – lijkt op een kapperszaak.

Lange Ben wordt als eerste welkom geheten. Voor het onderdeel hoofdmassage moet hij plaatsnemen in een van de kapstoelen die door het meisje in de verste achterover-stand wordt gezet. Op dat moment kom ik tot de onthutsende ontdekking dat ik geen camera bij me heb: we zouden immers alleen maar gaan eten bij Anh & Co, en de hele familie heb ik gisteren al uitgebreid in de keuken gefotografeerd.
De hoofdsteun komt Ben tussen de schouderbladen en in een poging zich verder naar beneden te nestelen, trapt hij op een haar na de grote spiegel in gruzelementen. ‘Oh, oh!’ roept het meisje, maar ze moet vooral erg lachen. Ik ga snel mijn camera halen.
Ik hol de boulevard af naar ons hotel. Hijgend zoek ik de sleutel uit het mandje dat de hele dag onbeheerd op de balie staat en met twee treden tegelijk ben ik boven. Camera mee en weer terug. In de wetenschap dat ik kostbare minuten aan het verliezen ben, houd ik de eerste de beste brommer aan die ik op straat zie aankomen. De bestuurder aarzelt geen moment. Terwijl hij afremt, zet hij alvast het kind dat op de tank zit tegen de koplamp aan en schuift hij zelf ook een eindje naar voren. Uitnodigend wijst hij naar de achterkant van zijn Honda. We komen langs restaurant Hoàng Y, waar de verbaasde vader van Anh onderuitgezakt naar me zwaait.

Ik zie dat Ben is verhuisd naar achteren en dat zijn plaats is ingenomen door onze reisgenoot Wil. Bijna boven haar macht timmert het meisje met beide handen op zijn kale kop. Met de onderkant van de hand, alsof ze met een roffel aan karateslagen een baksteen moet vermorzelen. Ik weet niet of dit zo lekker is als de grote reclameborden op de gevel doen geloven.
Als ik heb plaatsgenomen, zegt een van de twee meisjes die zich over mij ontfermen: ‘First body‘.
Ik trek mijn polo uit. Het ding hangt al de hele avond als een natte lap om mijn lijf – een massage in een doorweekt shirt kan niet de bedoeling zijn. De meisjes lachen zich slap, maar herpakken zich snel. Ze zullen toch niet bang zijn geweest dat ik spontaan, midden in de massagesalon, nog meer uit zou trekken? Trouwens, waarom heb ik opeens twee masseuses?
De dames beginnen. Beter gezegd: ze vallen aan. Op het ene moment heb ik links en rechts aan elke arm iemand hangen, even later zitten ze op hun hurken voor de spiegel om me elk een poot uit te trekken. Aangemoedigd door de Nederlanders langs de lijn, komen ze niet meer bij van het lachen. Ik heb de indruk dat onze massages voor het personeel een grotere sensatie is dan voor ons. Mijn hoofdmassage culmineert in het kraken van de nekwervels. Volledig onverwacht wordt mijn hoofd abrupt naar links gedraaid en daarna een keer naar rechts. Beide keren voel ik niet alleen iets knakken, ik verbeeld me dat ik het zelfs hoor.

Als we allemaal onder handen zijn genomen, lopen we terug naar het hotel. Bij Hoàng Y is Anh bij zijn vader, en nog een man, aan de grote tafel voor het restaurant aangeschoven. Op hun uitnodiging schuiven we aan en weldra staat de tafel vol blikjes Tiger-bier.
Anh vraagt hoe de massage was. Als de mannen merken dat we het een belevenis vonden, maar dat we vraagtekens zetten bij de professionaliteit van de behandeling, komt de vreemde meneer in actie. Het toeval wil dat hij masseur is. Anh noemt hem ‘the doctor‘ en zegt dat hij Chinese acupunctuur en massage heeft gestudeerd.
Om zijn reputatie te illustreren, neemt de dokter ons alle vier nog eens onder handen. Daarbij moeten we een voor een met de rug tegen zijn rug gaan staan, waarna hij de omhooggestoken armen met een felle ruk over zich heen trekt. Iemand aan het tafeltje roept dat hij mijn wervels hoort kraken. Nadat de actie van de doctor, strompelen we terug naar het hotel.

De bewaker, die languit op een tafel voor de ingang ligt, wordt pas wakker als we bij de balie onze sleutels uit het mandje zoeken. Het zijn de laatste sleutels, blijkbaar zijn onze groepsgenoten, na de six mountains, vroeg naar bed gegaan.
Vanmiddag had ik spierpijn, nu heb ik ook last van mijn rug. En barstende koppijn. Ik neem twee paracetamols en ga plat.

Bovenstaand verhaal is gebaseerd op een fragment uit De boeddha uit het rijstveld – rondreizen door Vietnam, Laos en Cambodja.